woensdag 13 november 2013

Hitler XX

'Niks, laat maar' zei ik, toen hij dichterbij kwam.
'Jawel, nu wil ik het weten ook!' zei Ringo, en hij was kwaad, hetgeen niet vaak voorkomt, daar hij doorgaans te lui is, of te flegmatisch, hoe je het ook wilt bekijken, om ook maar iets van gevoel naar boven te laten borrelen, laat staan dat het zijn mond weet te bereiken.
'Ik zei lafaard, maar ik meende het niet' zei ik schuldbewust.
'Je weet dat je mij daar erg mee kwetst' antwoordde Ringo.
'Ja, dat weet ik, maar weet je, eigenlijk bedoel ik mezelf. Ik vind mezelf een lafaard, maar omdat ik mezelf niet kon aanzien in dat licht, besloot ik in een fractie van een seconde, dat ik als het ware het kots van mijn eigen licht des aanschijns, of eigenlijk schaduw des aanschijns, aan jou zou offreren. Op een verwrongen dienblad.'
'Ten koste van mij?' vroeg Ringo, en zijn ogen stonden verdrietig.
'Ten koste van jou ja' zei ik, en barstte in huilen uit.
Ringo sloeg zijn armen om mij heen en troostte mij.
Daardoor voelde ik mij nog slechter. Ik beging een verderfelijke misstap en liet mij door nota bene het slachtoffer zelf, troosten.
We gingen naar binnen, en vervolgens nam Goede Tijden Slechte Tijden onze volledige aandacht in beslag.
Toen het was afgelopen, vroeg ik aan Ringo: 'Is het heel verontrustend als ik mezelf al te zeer herken in de hoofdpersoon van het boek 'De Idioot'?'.
'Je bedoelt de idioot zelf?' vroeg Ringo, en ik knikte ongeduldig van 'ja'.
'Wel' begon Ringo gewichtig.
'Het is maar hoe je het bekijkt natuurlijk...'.
'Ja' zei ik, legde het ene been over mijn andere been en keek onrustig in de verte, alsof ik daar het antwoord zou vinden.
'Ik bedoel natuurlijk zonder paradigmaverschuiving, gewoon, vanuit je huidige paradigma bekeken, is het dan verontrustend?'.
'Nou ja, in zekere zin wel' zei Ringo.
'Zie je, dat dacht ik dus al' zei ik , en zette de teeveej uit.
Plotseling werd er aangebeld.
Zowel Ringo als ik keken verbaasd op.


© Jiska de Vries 2013     

Geen opmerkingen:

Een reactie posten