Ik had een afspraak met Hongerige Wolf.
Gelijk na binnenkomst vertelde ik hem
over mijn plan om te gaan crowdfunden. Hij was niet gelijk
enthousiast. Ik ging in de contramine.
'Maar Mari is het ook gelukt!' zei ik.
'Ja, maar Mari heeft gevoel voor dramatiek'
antwoordde de Wolf.
Daar had hij een punt. Maar wacht eens
even.
'Ik heb ook gevoel voor drama' zei ik
korzelig.
'Ja, jij ook ja' zei de Wolf.
De Wolf moest hard lachen. Zo hard, dat
het ongemakkelijk werd. Voor mij althans. Hij ging er helemaal in op.
Ik heb nog nooit eerder iemand zo ongegeneerd
zien lachen. Het was net alsof hij even helemaal in zijn in eigen
lachwereldje zat.
Ik wilde hem niet storen in zijn
privé-momentje, hoewel ik mij wel afvroeg wat er nou zo enorm
grappig was aan hetgeen ik gezegd had.
Daarna hadden we het over serieuze
dingen.
Een week later.
De zon schreeuwt achter het raam: kom
naar buiten, kom naar buiten, het is mooi weer!
Dat is april.
En als je dan buiten bent, dan voel je
de schrale wind langs je wangen scheren en lacht de zon je recht in
je gezicht uit.
Baldadig zonnetje. Dat is òòk april.
Baldadig zonnetje. Dat is òòk april.
Ik stapte op de fiets richting de
fotozaak. De rillingen liepen over mijn rug, naar mijn benen, voeten,
en weer omhoog.
Bij de fotozaak. Mijn negatieven waren
gescand. Ik rekende af.
De fotoman zei: 'Als het niet goed is:
niet huilen, gewoon terugkomen.'
Ik: 'Of huilen én
terugkomen.'
Dat vond hij ook goed.
'Het middenrif is de nieuwe erogene
zone van dit seizoen', las ik die week in de Vogue.
Ik probeerde er iets van te voelen.
Maar er gebeurde niets.
'Ja, ik moet het er altijd bij zeggen,
want als ik het er niet bij zeg is er vaak iets mis mee'. Ik knikte
begrijpend.
'Ben een beetje bijgelovig' riep hij er
nog achteraan. Ik pakte mijn biezen.
'Ik ook' zei ik. En liep richting de
deur.
'Ik vind het wel fijn' riep hij me na.
'Ja, bedankt, dag!'.
Buiten zag ik een moeder en een kind staan
bij een plas regenwater.
De moeder zei: 'Kijk, een krokodil!'
Ik zag het kindje kijken van: sure.
Maar het kindje besloot het spelletje mee
te spelen en riep: 'Hey ja!'
En ik moet zeggen, ik snap het wel. De
arme drommel wilde de moeder natuurlijk geen ongemakkelijk gevoel
geven. Dat is de loyaliteit van kinderen. Het houdt niet op, niet
vanzelf.
Maar ik vond het belachelijk.
Dat zo'n
moeder dan denkt dat een kind dat leuk vindt, zulke 'grapjes'. Waar
geen hond om kan lachen. En dan zo'n kind die dat dan maar mee moet
spelen, uit pure ellende.
Ik kreeg bijna zin om de moeder te
achtervolgen, om er zo achter te komen waar ze woonde. Dan kon ik
haar lekker aangeven bij het Meldpunt Kindermishandeling.
Maar ik had honger, dus besloot ik naar
mijn eigen huis te gaan, om te koken.
Zo ben ik dan ook wel weer, ja.
Daarna moest ik ineens aan Hitler
denken.
© Jiska de Vries 2013
Geen opmerkingen:
Een reactie posten